Mijn werkgevers in vogelvlucht

 

 Augustus 1962

Ik ging als klein maar dapper manneke met een kartonnen doos vol gereedschap, onder de snelbinders van mijn fiets naar Timmerbedrijf Ged Jansen aan de Rijksweg 276 in Gaanderen.

Op dat moment in Augustus 1963 had het 3 timmerlieden.

Jan Hissink uit Zelhem met zijn renault daufine, wijlen Arnold Holthausen met zijn batavus  uit Silvolde en dus Gert Arentz uit Terborg.

Later kwamen daar nog bij Geert Wensink uit Terborg en  Theo te Kaat  uit Varsselder.

Het grootste werk, waren de 22 woningen Terborg met de platte daken aan de Steengrachtstraat.

Verder werkten we veel bij Stef Kaak aan huis, en aan de fabriek langs het spoor, en bij allerlei particuliere klanten in Terborg.

Bij een hal in aanbouw van Stef kaak  viel Gert Jansen van het dak af, hierbij brak hij zijn rug. Geert en ik waren de enige getuigen, en wisten niet hoe hard we moesten rennen om hulp te halen.

De meeste bedrijven hadden al een auto, alleen onze werkgever niet. Als er hout gehaald moest worden gebeurde dat met de Stutkar. Over de industrieweg naar v.Dam of met kar naar Stef Kaak

Met regelmaat probeerden wij de kar langs trottoirbanden te laten verongelukken maar dan kocht hij met trots weer een nieuwe!

 

werkplaats Ged Jansen

klik op de foto voor een vergroting.

De werkplaats aan de Rijksweg 276 in Gaanderen.

Ik moest eens van baas Jansen, met de kar vol materiaal als 16 jarige timmerman naar de fabriek van Stef Kaak.

Als ik daar was moest ik bij de ingang wachten tot dat baas Ged er was.

Van Stef Kaak kreeg ik dan op mijn donder, om dat ik er bij ging zitten. Ik had zo een ontzag voor Stef, dat als hij wat tegen mij vertelde dan beefde ik van angst.

 

Als we in de werkplaats aan het werk waren en het was 17.25 uur dan deed ik vast de loods op slot.

Maar als ik dan weer binnen kwam had de baas met een lange lat de klok weer 5 minuten terug gezet zodat ik weer aan het werk moest!

 

Af en toe veegde ik de werkplaats aan en dan zul je altijd zien dat kleine kinderen door de krullen rennen en ik weer opnieuw kon beginnen. Ik haalde de bezem aan en raakte een van de kinderen op de schenen. Deze ging huilend naar zijn Pa met de mededeling dat ik met de bezem hem achterna gezeten had.
Dat heb ik geweten, hij sloeg mij nog net niet maar het scheelde niks!  Ik werd rebels en zette  inmiddels spreuken op het toilet  van  ""als  je niet poept dan rust je toch""
 Baas  Ged  maakte  hier een eind aan, ik mocht de hele toilet ruimte opschuren  en schoonmaken! Opvoeding dus ook op het werk! Maar ook deze man is helaas niet meer onder ons.

 

Na enkele jaren vond ik het beter om te verkassen.

Ik ging naar Hendrik Hofstad in Silvolde. Deze had een werkplaats aan de Julianastraat.

Hier werkte ik samen met Wijlen Hans Berendsen die ook een rijschool bezat.

Uiteraard kreeg ik hier mijn eerste rijles van.

Mijn collega,s waren dus Hans, Alwies Bussink van beatclub Twin  en  Theo ???? Ten Have van de Biezenpol.

Dat laatste was indertijd een scheldwoord.

 

Toen de werkvoorraad teneinde liep mocht ik bij Baas Hendrik in de voorkamer komen.

Of ik wel begreep dat hij nooit zijn neefje kon ontslaan, want daar zou hij veel trammelant mee krijgen in de familie. Ik begreep het maar kwam mooi op straat te staan.

 

Ik ging solliciteren bij de Nemaho in Doetinchem en mijn eerste werk was de sporthal van Ulft weer opbouwen die door een storm in elkaar was gestort. Mijn  chef  was  Wim Hesselink.

Dit werk beviel mij wel, ik reisde door het hele land en elke plaats in Nederland wist ik de uitgaans gelegenheden wel te zitten.  Op de donderdagavond was het vaak  feest in de kroeg.  

Zo leerde ik Amsterdam en Rotterdam kennen, maar ook Tonnie Stevens uit Zeddam die een goede vriend zou worden.
Een minpunt is dat ik in die tijd twee maal ben gevallen, en mij nog net aan een touw kon vastgrijpen. Hier word ik nu nog wel eens van wakker

Vooraf gaande aan mijn trouwdag in 1970 werkte ik aan het waterloopkundige laboratorium in Delft.

Maar mijn partner kon er niet langer meer tegen dat ik de hele week van huis was.

Ik had dan ook geen andere keus dan ontslag te nemen.

 

 

Ik nam een juiste beslissing om bij v.Egteren te gaan werken in Enschede.

Deze bouwde woningen in de wijk Overstegen van Doetinchem.

Hier zag men het wel zitten in mij en kreeg buiten de werktijden een vertrouwenspositie als bewaker.

Mijn collega,s  waren Henk Greven uit Zelhem en Henk Barink uit Keijenburg. Zelden heb ik zo vaak kunnen lachen.

Maar later sloeg het noodlot weer toe.

Ik kreeg een ernstig voetbal ongeluk, ging met de ziekenwagen vanaf  het voetbalveld naar het Gemeente ziekenhuis in Arnhem en dacht werkelijk dat het met mij gebeurd was.  
Na een half jaar revalideren en veel heel veel pijn, was v.Egteren verdwenen uit de stad.

Automatisch kreeg ik dus mijn ontslag.

Werk genoeg dacht ik, en ik melde mij aan bij Ignatius Hakfoort in Silvolde. Met een bedrijfsbusje gingen we elke dag naar Huissen.

Hier beleefden we gouden tijden.  Alleen op  deze bouwplaats de zilverkamp kan ik al een boek van schrijven.

Met een stel collega, s uit Doetinchem te weten Gert Bleumink en Bernard Gerritsen gingen we naar de buitenploeg van timmerbedrijf Suselbeek uit Silvolde.

We kregen een project in Arnhem.

Hier baalde ik voor het eerst van mijn werk, en ik ging het proberen bij v. Wijnen. in Arnhem.

De Hoofduitvoerder Ad v/d Pol wilde mij hebben als Voorman in Bennekom.

De start van mijn leiding gevende kwaliteiten was op de kaart gezet.

Een 12/.5 jarig jubileum, betonwerk, Renovatie, nieuwbouw, kantoorbouw. Kortom eigenlijk heb ik alles meegemaakt. Van hoogte punten tot dieptepunten.

 

Ik nam nu zelf ontslag en zette een handtekening bij Bouw onderneming Zevenaar.

Dat bleek niet zo een beste beslissing te zijn, en na een arbeidsconflict met uitspraak van de kantonrechter vertrok ik weer naar V.Wijnen Arnhem.

Daar leerde ik dat je nooit terug moet keren naar je vorige werkgever.

Het was geen succes, ik kwam in aanraking met een corrupte bedrijfsleider.

Ik kwam zijn malversaties op het spoor en kaartte het aan bij de directie. Met allerlei kunst en vliegwerk kon ik mij staande houden.

Hij zou mij helemaal kapot maken als ik nog meer tegen de directie zou vertellen.

Uiteindelijk kreeg hij zijn zin en kreeg ik ontslag van juist ja de corrupte bedrijfsleider!

Maar door mijn staat van dienst ben ik heel correct behandeld.

Het heeft mij geen windeieren gelegd.

 

Hegeman Bouwpartners was de volgende werkgever en hier voelde ik mij als een vis in het water.

Het bouwen van de Rabobank in Beekbergen is het laatste project dat ik opgeleverd heb.

Een auto ongeval in Oktober 1998 op weg naar mijn werk in Nijmegen  heeft een eind gemaakt aan mijn carrière!

 

 laatst gewijzigd 17-04-2009